Staatssteun
De toekenning van staatssteun aan ondernemingen is onderworpen aan strenge regels. Als startpunt geldt het principe dat staatssteun in beginsel verboden is (artikel 107, lid 1 VWEU). Mits goedkeuring door de Europese Commissie is staatssteun soms echter uitzonderlijk mogelijk. Gelet op de toenemende complexiteit van de Europese staatssteunregels, is het niettemin aangewezen om voorzichtig om te springen met de uitzonderingen op het verbod. Een foute toepassing van de staatssteunregels heeft immers zware gevolgen: de Commissie zal niet aarzelen om alle onrechtmatig toegekende staatssteun terug te vorderen (tot tien jaar terug in de tijd). Bovendien kan dergelijke steun worden aangevochten bij de Belgische rechtscolleges.
Tender Law beschikt over de expertise om overheden, ontvangers van staatssteun, hun concurrenten en andere stakeholders te adviseren over allerhande vragen over de uitlegging en toepassing van de Europese staatssteunregels. Wij begeleiden partijen bijvoorbeeld over:
- Het onderzoek of overheidsmaatregelen (bv. subsidies, (ver)koop van (on)roerende goederen, kapitaalparticipaties, fiscale maatregelen, overheidsopdrachten, enz.) ‘staatssteun’ zijn en, zo ja, of zij verboden zijn. Graag brengen we hierbij in herinnering dat het staatssteunbegrip in het EU-recht zeer breed wordt geïnterpreteerd.
- Het onderzoek of een ontvanger van steun (bv. een vennootschap, vzw, publieke instelling, enz.) te beschouwen is als ‘onderneming’ en daarom rekening moet houden met het EU-staatssteunrecht.
- Het voorbereiden, indienen en opvolgen van meldingen van nieuwe steunmaatregelen bij de Commissie. Hierbij brengen we graag in herinnering dat alle nieuwe staatssteun in beginsel moet worden gemeld aan de Commissie ter goedkeuring (artikel 108, lid 3 VWEU) en dat de nodige aandacht moet worden besteed aan het volgen van de juiste procedures om te vermijden dat de steunmaatregel in kwestie onrechtmatig wordt.
- Het onderzoek of een steunmaatregel voldoet aan een vrijstelling op de voormelde aanmeldingsplicht, bijvoorbeeld op grond van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) of van een andere vrijstellingsregeling. Voor overheden die staatssteun willen verlenen is het steeds raadzaam om te onderzoeken of de AGVV een oplossing biedt: voorbije jaren werd meer dan het overgrote deel van de steunmaatregelen aangenomen op grond van de AGVV.
- Het onderzoek of een overheidsmaatregel te beschouwen is als ‘de-minimissteun’. Het gaat over steunmaatregelen waarvan het steunbedrag onder een bepaald bedrag blijft (in beginsel 300.000 euro per onderneming voor een periode van drie jaar) en die daarom buiten het toepassingsgebied van het EU-staatssteunverbod vallen. Bij de toepassing van de ‘de-minimisregels’ moet evenwel rekening worden gehouden met belangrijke formaliteiten.
- De toepassing van de regels over de zgn. ‘diensten van algemeen economisch belang’ (‘DAEB’s’). Deze regels voorzien bijzondere uitzonderingen op het staatssteunverbod voor steun aan ondernemingen die belast zijn met de uitvoering van een DAEB (bv. sociale huisvesting, transport, postdiensten, enz.).
- Alle advies over hoe een publieke maatregel staatssteunproof te maken’.